Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
In het theoretisch deel wordt de casuïstiek onderbouwd met een visie die bestaat uit drie ingrediënten: het vakmanschap, de vraagstukken en de organisatie. Deze komen samen in de conclusie die invulling geeft aan het uitgangspunt ‘De Wijkagent Centraal’. Daarnaast is er een methodologische onderbouwing.
 
Het belangrijkste argument schuilt in onze visie op het vakmanschap van de wijkagent als een ‘fingerspitzengefühl’ dat zich ten volle manifesteert in het handelen op straat. Vakmanschap als de motor van het handelen van de wijkagent welke perfect is afgesteld op de dynamiek van de buurt. Deze visie biedt een verklaring voor zijn optreden vanuit het frontlijnperspectief en geeft houvast voor ondersteuning bij de aanpak van hardnekkige vraagstukken.
 
Een tweede ingrediënt betreft de aard van de buurtveiligheidsvraagstukken. Dit zijn niet de burenruzies die op te lossen zijn door praatje pot en surveillancecapaciteit. Het zijn complexe casussen waarin mondige burgers, veeleisende partners, populistische politiek en (sociale) media een rol spelen. Bovendien zijn ze lastig af te bakenen en beperkt maakbaar. De aanpak is er een die het ‘fingerspitzengefühl’ en takenpakket van de wijkagent overstijgt.
 
De aard van de organisatie maakt dat taaie operationele vraagstukken vaak uit de weg worden gegaan of dat men verzandt in pleisters plakken. Het derde ingrediënt betreft de aard van de organisatie die de verkeerde signalen richting wijkagent zendt. Het gevolg is dat de wijkagent niet centraal staat in de organisatie maar aan de zijlijn van de handhaving is beland.

In de conclusie worden deze theoretische ingrediënten en de ervaringen binnen het actieonderzoek gecombineerd tot een invulling van het uitgangspunt ‘De Wijkagent Centraal’. Dit houdt in dat de wijkagent structureel wordt bevraagd op zijn buurtkennis én permanent wordt ondersteund bij de aanpak van de benoemde buurtveiligheidsvraagstukken, omdat deze de hele organisatie aangaan. 
 
Het methodologisch hoofdstuk is dan ook meer dan alleen een verantwoording van de gekozen onderzoeksbenadering​. De methode van actieonderzoek​ is exemplarisch voor de manier waarop wijkagenten in het korps ondersteund kunnen worden.
Aanleiding en overview

Het credo ‘De Wijkagent Centraal’ is vastgelegd in de nieuwe politiewet als centraal uitgangspunt van de nationale politie. In de praktijk blijkt de positionering van de wijkagent echter uiterst taaie materie. Dit actieonderzoek geeft inzicht in de weerbarstige werkpraktijk van de wijkagent en biedt inzichten die nodig zijn om het uitgangspunt een concrete invulling te geven.
 
​Essays

Gedurende de looptijd van het actieonderzoek schreef auteur Teun Meurs een aantal artikelen in Het Tijdschrift voor Politie. Deze zijn hieronder te vinden.

Tussen ratio en fingerspitzengefühl

Het geheim van Jan Smit

Makers

De website ‘De Wijkagent Centraal’ is gemaakt door de onderzoekers Teun Meurs en Bert Jan Kreulen samen met vormgever Martijn Rijven van Bolt Graphics.

Teun Meurs

Bert Jan Kreulen

Martijn Rijven

​Nieuws

In de september-editie van het digitale magazine KENNISM@G van de Politieacademie verschenen twee artikelen over 'De Wijkagent Centraal'.

Lees hier en hier over een mooie koppeling tussen onderzoek, onderwijs en praktijk.