Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud
Vogelvlucht-perspectief 
Uit het vogelvlucht-perspectief blijkt dat het bestrijden van jeugdoverlast volgens een vast recept geschiedt. Dit recept is enerzijds gebaseerd op routine en anderzijds op de historie van het plein. De wijkagent betrekt het wijkteam bij de problematiek door middel van werkverzoeken. Dit kost de politie capaciteit. De surveillance-auto’s weten de weg inmiddels te vinden, maar er is geen sprake van vermindering van de overlast. Sterker nog: het aantal meldingen neemt de laatste tijd juist toe.

Deze aanpak is illustratief voor de wijze waarop community policing in het basisteam is ingebed. De aard van de organisatie reduceert de casus tot een hotspot waarover communicatie en kennisuitwisseling verloopt via informatietools en bevragingssystemen. Van vakinhoudelijke discussie over de context van het probleem is weinig sprake.

Top Down-perspectief
Uit het top down-perspectief blijkt dat zowel de jeugdoverlast als de bewonerssamenstelling van de wijk is veranderd. Binnen de vier speelvelden zijn de nieuwe bewoners, de uitbater van het koffiehuis en de benadering van surveillanten belangrijke actoren die van invloed zijn op de actieradius van de wijkagent en de fundamentele aanpak van de casus.

De top down analyse toont de complexiteit van het vraagstuk. Het op het oog tamme vraagstuk (‘voortdurende jeugdoverlast’) blijkt in werkelijkheid een taai vraagstuk dat moeilijk af te bakenen is en waar meerdere oplossingen voor mogelijk zijn. Het sturen van surveillance auto’s blijkt in ieder geval niet afdoende.

Frontlijn-perspectief
In het frontlijn-perspectief vindt vervolgens de daadwerkelijke confrontatie met de casus plaats. De wijkagent vertelt ter plekke zijn verhaal, praat met de jeugd en bewoners; de bevrager duidt deze ervaringen en vertaalt de visie van de wijkagent naar concrete acties. Hij identificeert de verkapte coffeeshop om aan te pakken en raakt overtuigd van de noodzaak voor een nieuwe benadering van de jeugd.

In de frontlijn komt het vakmanschap van de wijkagent​ bij uitstek tot wasdom. Zijn kennis manifesteert zich als hij handelt ten opzichte van de actoren rondom de casus. Hij ziet alles, maar overziet de casus niet altijd. De aanwezigheid van een bevrager maakt dat alle relevante kennis wordt verzilverd tot een aantal handelingsalternatieven voor de geijkte manier van optreden.

​​
Aanleiding en overview

Het credo ‘De Wijkagent Centraal’ is vastgelegd in de nieuwe politiewet als centraal uitgangspunt van de nationale politie. In de praktijk blijkt de positionering van de wijkagent echter uiterst taaie materie. Dit actieonderzoek geeft inzicht in de weerbarstige werkpraktijk van de wijkagent en biedt inzichten die nodig zijn om het uitgangspunt een concrete invulling te geven.
 
​Essays

Gedurende de looptijd van het actieonderzoek schreef auteur Teun Meurs een aantal artikelen in Het Tijdschrift voor Politie. Deze zijn hieronder te vinden.

Tussen ratio en fingerspitzengefühl

Het geheim van Jan Smit

Makers

De website ‘De Wijkagent Centraal’ is gemaakt door de onderzoekers Teun Meurs en Bert Jan Kreulen samen met vormgever Martijn Rijven van Bolt Graphics.

Teun Meurs

Bert Jan Kreulen

Martijn Rijven

​Nieuws

In de september-editie van het digitale magazine KENNISM@G van de Politieacademie verschenen twee artikelen over 'De Wijkagent Centraal'.

Lees hier en hier over een mooie koppeling tussen onderzoek, onderwijs en praktijk.